Onafhankelijke koepel van 43 beroepsverenigingen uit acht sectoren met circa 62.000 leden.
Aangesloten bij de Vakcentrale voor Professionals.

​Pensioen blijft boeien(d)

Al eerder nam ik u mee in de wondere wereld van pensioen en het leuke is dat ik merk dat mijn interesse door velen van u met belangstelling gevolgd wordt. Daarom dit keer een uitstapje naar een klein elementje uit het reglement, de aanvulling op het pensioen wegens samenvallende diensttijd.

Wist u dat….u mogelijk recht hebt op een aanvulling op uw pensioen van ABP als u en uw partner allebei werkzaam waren voor 1 januari 1995entegelijkertijd pensioen hebben opgebouwd? ABP kent namelijk een aanvulling op het pensioen wanneer er sprake is van samenvallende diensttijd en u pensioen opbouwde:

  • vóór 1 januari 1986 bij zowel ABP als gelijktijdig ergens anders;
  • vóór 1 januari 1995 bij ABP én uw partner gelijktijdig bij ABP of ergens anders pensioen opbouwde.

Is één van bovenstaande situaties op u van toepassing? Dan komt u mogelijk in aanmerking voor aanvulling van uw ABP-pensioen.

Een dergelijk bericht is de moeite waard om even extra uit te zoeken! Hiervoor duiken we in de pensioengeschiedenis van ABP. Voor 1996 viel ABP namelijk onder de Abp-wet. Die Abp-wet kende drie verschillende systemen voor de opbouw van pensioenaanspraken:

  • Tot 1-1-1986 was er een inbouwsysteem
  • Van 1-1-1986 tot 1-1-1995 was er een gedifferentieerd franchisesysteem
  • Van 1-1-1995 tot 1-1-1996 was er één uniforme franchise

Periode van 1 januari 1966 tot 1 januari 1986

Voor ieder jaar dat iemand pensioen opbouwde werd 2% van de AOW 1, waar natuurlijk ook recht op bestond, in het pensioen ingebouwd. Ofwel u bouwde pensioen op en werd gelijktijdig 2% gekort op het ABP-pensioen vanwege de AOW-aanspraak. De wetgever had namelijk bedacht dat het vreemd zou zijn als werknemers bij overheids- en onderwijspersoneel zowel volledige pensioenopbouw op grond van de Abp-wet, als op grond van de AOW zou krijgen. Het gevolg daarvan kon namelijk zijn dat betrokkenen dan na hun pensionering een hoger inkomen zouden hebben dan het inkomen dat zij ontvingen toen zij nog werkten! In dit inbouwsysteem werd rekening gehouden met de AOW waarop de belanghebbende (en zijn of haar partner) feitelijk aanspraak had. Een bijzonder element van de inbouw van de AOW is dat deze inbouw in bepaalde gevallen kan worden beperkt. Bijvoorbeeld wanneer de ABP gepensioneerde of de partner over een bepaalde periode geen AOW heeft opgebouwd. Of wanneer de ABP gepensioneerde geen recht heeft op de volledige AOW-partnertoeslag van de SVB wegens inkomsten van zijn partner.

Periode van 1 januari 1986 tot 1 januari 1995

In 1986 besloot men anders om te gaan met de opbouw van pensioen, in combinatie met de te ontvangen AOW. Over een deel van het salaris, de franchise genaamd, werd namelijk geen pensioen meer opgebouwd. In dit franchisesysteem wordt geen rekening gehouden met het AOW-pensioen waarop betrokkene uiteindelijk echt aanspraak heeft, maar gaat men uit van een soort van algemeen recht op AOW. Dit maakt de toepassing van het franchisesysteem eenvoudiger dan het inbouwsysteem. Deze franchise hield rekening met het bedrag dat men vanaf de AOW-leeftijd al zou ontvangen vanuit de AOW. Daarom was het destijds ook logisch om vanaf 1 januari 1986 met twee franchises te gaan werken; een voor gehuwden en een voor ongehuwden. De franchise voor iemand met een partner, gehuwd of samenwonend, is hoger dan de franchise voor een alleenstaande. Na pensionering ontvangt de gehuwde of samenwonende deelnemer de gehuwden AOW 2, evenals zijn of haar partner en komen ze dus samen uit op twee keer de gehuwden AOW. De alleenstaande ontvangt één keer de ongehuwden AOW.

Periode van 1 januari 1995 tot 1 januari 1996

Op 1 januari 1995 werd de manier waarop men rekening hield met de AOW weer aangepast. Vanaf die datum werd de franchise niet meer afhankelijk van het AOW-recht maar geldt voor iedereen dezelfde franchise (uniforme franchise). Of men al dan niet gehuwd of samenwonend was, had dus geen invloed meer op de pensioenopbouw. De uniforme franchise is afgeleid van het AOW bedrag voor iemand die gehuwd of samenwonend is en wordt jaarlijks aangepast.

Privatisering ABP

Bij de privatisering van ABP, op 1 januari 1996, zijn de drie verschillende pensioenformules van de Abp-wet omgerekend naar een nieuwe formule op grond van het vanaf dan geldende Pensioenreglement. De Wet privatisering ABP (WPA) schrijft echter voor dat alle, op grond van de Abp-wet opgebouwde pensioenaanspraken, omgezet moeten worden naar in totaliteit gelijkwaardige aanspraken. Om dit te kunnen doen zijn zogeheten correctiefactoren vastgesteld. Afhankelijk van de vraag of de ABP-pensioengerechtigde voor de AOW als gehuwd of als ongehuwd werd aangemerkt, zijn er twee correctiefactoren vastgesteld. Er is daarom een correctiefactor gehuwd en een correctiefactor ongehuwd.

Bij de omrekening van de onder de Abp-wet opgebouwde aanspraken kon geen rekening worden gehouden met bepaalde situaties uit de Abp-wet waarin de korting wegens recht op AOW werd verlaagd. Hierdoor is bij de omrekening van de opgebouwde pensioenaanspraken van de Abp-wet naar het Pensioenreglement een te hoge AOW-korting toegepast. ABP compenseert dit daarom bij pensionering met een aanvulling.

Veel pensioenfondsen hielden op een vergelijkbare manier rekening met de AOW. Als er sprake is van samenvallende diensttijd en pensioenopbouw voor 1995 hebben beide partners mogelijk te maken gehad met een te hoge AOW-korting. Hierdoor kan er recht ontstaan op een aanvulling vanuit ABP.

Komt u mogelijk in aanmerking voor aanvulling van uw ABP-pensioen? Vul dan het formulier 'Samenvallende diensttijd' in dat u op de website 3 van ABP kunt vinden. Wanneer u allebei pensioen heeft opgebouwd bij ABP, kent ABP de aanvulling automatisch toe. U en uw partner moeten wel beiden de AOW-leeftijd hebben bereikt. Indien uw partner pensioen opbouwde bij een ander pensioenfonds of verzekeraar, dan kan ABP dit pas bepalen op de datum dat uw partner de AOW-leeftijd heeft bereikt òf de AOW-leeftijd binnen zes maanden wordt bereikt.

  1. AOW is het basispensioen van de Rijksoverheid. U ontvangt AOW van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vanaf uw AOW-leeftijd tot uw overlijden, als u in Nederland gewoond of gewerkt heeft.
  2. Hoeveel AOW u krijgt hangt af van uw woonsituatie. Bent u alleenstaand? Dan krijgt u 70% van het minimumloon. Woont u samen of bent u getrouwd? Dan krijgt u 50% van het minimumloon. Uw partner ontvangt vanaf zijn of haar AOW-leeftijd ook 50% van het minimumloon.
  3. https://www.abp.nl/plan-uw-pensioen/pensioen-aanvragen/aanvulling-op-uw-pensioen.aspx

 
Deel deze pagina: